Garantietermijn bij een koelinstallatie: wat zegt de wet?
Geen vaste wettelijke garantietermijn voor installatiewerk, wel een deugdelijkheidsnorm (art. 7:750 e.v. BW). Het verschil met fabrieks- en contractgarantie op een rij.
Een klant belt drie jaar na plaatsing van een koelinstallatie met een storing en vraagt: "zit dit nog onder garantie?" Het eerlijke antwoord begint met een vraag terug: welke garantie bedoel je? De wettelijke, de fabrieksgarantie, of wat er in de offerte staat? Dat zijn drie verschillende dingen, en ze lopen in de praktijk vaak door elkaar. Dit artikel zet ze naast elkaar — met de wettekst erbij, niet met een getal dat toevallig goed klinkt.
Geen vaste wettelijke garantietermijn — wel een deugdelijkheidsnorm
Het Burgerlijk Wetboek kent voor het plaatsen van een koelinstallatie geen vastgestelde garantietermijn van bijvoorbeeld één of twee jaar. Dat bevestigt ook Rijksoverheid.nl in algemene zin over garantie: er is geen wettelijke garantietermijn in Nederland, omdat de levensduur per product en per situatie verschilt.
Wat de wet wél regelt, is een open norm: de aannemer moet het werk deugdelijk uitvoeren en opleveren. Voor aanneming van werk — de juridische categorie waaronder het installeren van een koelinstallatie doorgaans valt — staat dat in artikel 7:750 en verder BW (opent in nieuw tabblad). Artikel 7:750 BW omschrijft aanneming van werk als de overeenkomst waarbij de aannemer zich verbindt om buiten dienstbetrekking een werk van stoffelijke aard tot stand te brengen en op te leveren, tegen een door de opdrachtgever te betalen prijs.
Er staat dus geen concrete termijn in de wet — wel de verplichting dat het opgeleverde werk moet voldoen aan wat de opdrachtgever redelijkerwijs mag verwachten. Een claim als "wettelijk 2 jaar garantie op installatiewerk" is dan ook onjuist als het als harde wetsregel wordt gepresenteerd; het is op zijn best een vuistregel die installateurs of brancheorganisaties hanteren, geen citaat uit de wet.
Wat er ná oplevering gebeurt (art. 7:758-760 BW)
Drie artikelen zijn hier relevant:
- Artikel 7:758 BW (oplevering). Na de melding dat het werk klaar is, moet de opdrachtgever binnen een redelijke termijn keuren. Gebreken die de opdrachtgever bij die keuring redelijkerwijs had moeten ontdekken, kan hij later niet meer aan de aannemer tegenwerpen — vandaar het belang van een grondige oplevering en een ondertekende werkbon.
- Artikel 7:759 BW (gebreken na oplevering). Blijkt een gebrek pas later, dan moet de opdrachtgever de aannemer eerst de kans geven dit binnen een redelijke termijn te herstellen — tenzij de omstandigheden dat onredelijk maken.
- Artikel 7:760 BW (gevolgen van ondeugdelijke uitvoering). Gebreken door fouten of ongeschikt materiaal van de aannemer komen voor rekening van de aannemer.
Geen van deze artikelen noemt een termijn in maanden of jaren. Ze beschrijven een proces (keuren, herstelkans geven, aansprakelijkheid toewijzen), geen garantieperiode.
Verjaringstermijn is iets anders dan garantietermijn
Wat de wet wél met een getal invult, is de verjaringstermijn voor een rechtsvordering — dus hoe lang een klant nog naar de rechter kan stappen over een gebrek. Artikel 7:761 BW bepaalt dat zo'n vordering verjaart twee jaar nadat de opdrachtgever heeft geprotesteerd, met een absolute buitengrens van twintig jaar na oplevering voor bouwwerken en tien jaar voor overige werken.
Of een koelinstallatie als "bouwwerk" of als "overig werk" telt voor die twintig-versus-tien-jaargrens, hangt af van hoe de installatie in het gebouw is geïntegreerd — dat is niet in algemene zin te beantwoorden. Twijfel je hierover in een concreet geschil, controleer dit dan bij een jurist of via de geschillencommissie in plaats van zelf een termijn aan te nemen.
Belangrijk: deze verjaringstermijn zegt niets over hóe lang een installatie goed moet blijven werken — dat blijft de deugdelijkheidsnorm uit 7:750 e.v. De verjaringstermijn bepaalt alleen tot wanneer een vordering daarover nog kan worden ingesteld.
Klachtplicht: op tijd melden is niet vrijblijvend
Daarnaast geldt de algemene klachtplicht van artikel 6:89 BW (opent in nieuw tabblad): wie een gebrek ontdekt (of redelijkerwijs had moeten ontdekken) en daar niet binnen bekwame tijd over protesteert bij de wederpartij, kan zich er later niet meer op beroepen. Wat "bekwame tijd" precies is, hangt af van de omstandigheden — er staat geen vast aantal weken of maanden in de wet. Voor de praktijk betekent dit: adviseer klanten om een storing of gebrek zo snel mogelijk te melden, en leg meldingen en reactiedatums vast — bijvoorbeeld in het onderhoudscontract of op de werkbon.
Fabrieksgarantie en contractuele garantie: wél concrete termijnen
Naast de wettelijke deugdelijkheidsnorm bestaan er twee vormen van garantie die wél een harde termijn kennen — maar dan niet omdat de wet dat oplegt, maar omdat een partij dat zelf toezegt:
- Fabrieksgarantie. De fabrikant van bijvoorbeeld een compressor of warmtepomp kan een eigen garantietermijn geven. Die termijn en voorwaarden verschillen per fabrikant en per apparaat — controleer dit altijd in de garantievoorwaarden van de specifieke fabrikant, niet op basis van een algemene aanname.
- Contractuele garantie. Veel installatiebedrijven nemen zelf een garantiebepaling op in de offerte of algemene voorwaarden, bijvoorbeeld op arbeid of op specifieke onderdelen. Dit is een eigen, vrijwillige toezegging bovenop de wettelijke deugdelijkheidsnorm — geen wettelijke verplichting. Zo'n bepaling mag de wettelijke bescherming van 7:750 e.v. BW niet beperken; ze kan er alleen iets bovenop leggen.
Geef je als bedrijf zelf een garantietermijn af, zorg dan dat die eenduidig terugkomt in offerte, werkbon en onderhoudscontract — anders ontstaat precies de onduidelijkheid waar dit artikel mee opende.
Wat dit betekent voor je vastlegging
Omdat de wet met open normen werkt in plaats van een vaste termijn, wordt vastlegging het bewijs waarmee je een geschil wint of verliest: wanneer is opgeleverd, wat is er bij de keuring geconstateerd, wanneer is een gebrek gemeld en hoe is erop gereageerd. Een digitale werkbon met tijdstempel en ondertekening is daarvoor sterker bewijs dan een papieren bonnetje dat kwijt kan raken.
Verder lezen
- Onderhoudscontract koelinstallatie: template en verplichte onderdelen
- Wat moet er op een werkbon staan?
- Is een digitale werkbon juridisch geldig?
Disclaimer: dit artikel legt de relevante wetsartikelen (7:750 e.v., 7:761 en 6:89 BW) in eenvoudige taal uit, maar is geen juridisch advies. De kwalificatie van een specifieke overeenkomst (aanneming van werk, koop, of een mix van beide) en de vraag of een installatie als bouwwerk geldt voor de verjaringstermijn, hangen af van de concrete situatie. Raadpleeg bij een geschil een jurist of de geschillencommissie.