BRL 100: wat gebeurt er bij een afwijking?
Een BRL 100-audit levert een kritieke of niet-kritieke afwijking op — dit bepaalt je hersteltermijn en wat er met je certificaat gebeurt als je die termijn niet haalt.
Je auditor heeft iets gevonden. Misschien ontbreekt een werkinstructie, misschien is een koudemiddellogboek niet bijgewerkt, misschien werkt er iemand zonder geldig BRL 200-certificaat. Wat er nu gebeurt, hangt bijna volledig af van één vraag: is het een kritieke of een niet-kritieke afwijking? Dit artikel gaat over het traject ná de bevinding — voor de voorbereiding op de audit zelf, zie BRL 100-jaarcontrole: dit verwacht de auditor.
Kritiek of niet-kritiek: het onderscheid dat alles bepaalt
De beoordelingsrichtlijn BRL 100 kent een vaste definitie van een kritieke afwijking: een afwijking van de eisen uit de BRL die een onmiddellijk negatief effect heeft op de kwaliteit van de uitvoering van de werkzaamheid of op het milieu (waaronder dus ook f-gassen-lekkage kan vallen). De BRL noemt daarbij expliciet drie voorbeelden:
- een afwijking waardoor een verplicht element van de BRL niet is gedocumenteerd of geïmplementeerd — denk aan ontbrekende procedures, werkinstructies of registraties;
- het niet beschikbaar hebben van de verplichte instrumenten en apparaten voor de werkzaamheden, of deze niet controleren volgens de BRL-eisen;
- niet-gecertificeerd personeel werkzaamheden laten uitvoeren waarvoor een certificaat f-gassen voor personen verplicht is (met een uitzondering voor leerling-monteurs die onder toezicht werken en binnen twee jaar hun BRL 200-certificaat halen).
Alles wat niet in deze categorie valt, is een niet-kritieke afwijking — de BRL definieert die simpelweg als "afwijking die niet als een kritieke afwijking is te beschouwen". In de praktijk gaat het dan om zaken als een administratieve omissie die de kwaliteit of veiligheid van het werk niet direct raakt.
Dit onderscheid is niet cosmetisch: het bepaalt je hersteltermijn en het bepaalt hoe snel je certificaat op het spel komt te staan.
Hersteltermijn: hoeveel tijd heb je?
Voor kritieke afwijkingen geldt dat je onderneming deze binnen drie maanden na constatering moet hebben gecorrigeerd. Daarna voert de CI een herbeoordeling uit om vast te stellen of de corrigerende maatregel afdoende is.
Voor niet-kritieke afwijkingen geldt een ruimere termijn: corrigerende maatregelen moeten binnen zes maanden na vaststelling zijn genomen. De beoordeling daarvan vindt doorgaans plaats bij de eerstvolgende reguliere beoordeling, niet via een aparte herbeoordeling.
De termijn voor kritieke afwijkingen was nog vier weken onder de oudere BRL 100-tekst (versie 1.2, 2017). Sinds versie 2.0 — verplicht vanaf 2020, en dus de momenteel geldende tekst — is dit drie maanden (hoofdstuk 6.4.3, "Opvolging van afwijkingen"); de termijn van zes maanden voor niet-kritieke afwijkingen is ongewijzigd. Versie 3.0 treedt per 31 augustus 2026 in werking — controleer bij je certificerende instelling of deze termijnen daarin ongewijzigd blijven.
Van waarschuwing naar schorsing naar intrekking
Als je de hersteltermijn niet haalt — of de genomen maatregel wordt door de CI niet als afdoende beoordeeld — start een oplopend maatregelentraject. Samengevat, van licht naar zwaar:
- Schriftelijke waarschuwing: bij het niet nemen van afdoende corrigerende maatregelen na een niet-kritieke afwijking. Ook bij een tweede keer dezelfde niet-kritieke afwijking binnen een periode van ruim vier jaar volgt een schriftelijke waarschuwing.
- Schorsing van het gebruik van het certificaat: als er ook binnen de termijn die in de schriftelijke waarschuwing is gesteld geen afdoende maatregel is genomen.
- Intrekking van het certificaat: als binnen de in de schorsing gestelde termijn nog steeds geen afdoende maatregel is genomen.
- Directe intrekking bij een kritieke afwijking waarvoor niet binnen de geldende termijn afdoende is gecorrigeerd — hier wordt de tussenstap van een waarschuwing overgeslagen.
- Directe intrekking bij (het redelijke vermoeden van) overtreding van wettelijke voorschriften die met de werkzaamheden samenhangen.
Bij zowel de schriftelijke waarschuwing als de schorsing geldt telkens een termijn van maximaal vier weken om alsnog afdoende te corrigeren en dit bij de CI kenbaar te maken. Na een schorsing voert de CI eerst een extra beoordeling uit; pas als die aantoont dat je onderneming weer volledig aan de eisen voldoet, wordt de schorsing opgeheven. Voldoet je bedrijf bij die extra beoordeling nog steeds niet, dan volgt intrekking.
De CI meldt afgegeven, geschorste en ingetrokken certificaten aan Rijkswaterstaat, de beheerder van de BRL. Certificaten zijn ook te controleren via het Centraal Register Techniek — het loont dus niet om een schorsing te laten passeren in de hoop dat niemand het merkt.
Wat betekent een schorsing voor je bedrijfsvoering?
Een schorsing betekent dat je (tijdelijk) geen gebruik mag maken van het certificaat f-gassen voor ondernemingen. Voor de precieze operationele gevolgen — kun je nog wél werkzaamheden uitvoeren zolang je gecertificeerde monteurs inzet, of ligt alles stil — verschilt de uitleg per certificerende instelling en per situatie. Neem dit bij een (dreigende) schorsing altijd direct op met je CI; hier bestaat geen eenduidig, voor elke situatie geldend antwoord.
Verschilt dit per certificerende instelling?
BRL 100-certificering wordt afgegeven door meerdere bevoegde certificerende instellingen (zie het overzicht in Wat is BRL 100 en waarom raakt het jouw werkbon?). De classificatie kritiek/niet-kritiek en de bijbehorende termijnen liggen vast in de beoordelingsrichtlijn zelf, dus die zijn in beginsel voor elke CI gelijk. Elke CI werkt dit traject wel verder uit in een eigen certificatiereglement (klachten- en geschillenprocedure, communicatie rond de herbeoordeling). Vraag je eigen CI naar dat reglement als je precies wilt weten hoe het bij hen loopt.
Het niet eens met een bevinding?
De BRL schrijft voor dat elke CI de eisen voor geheimhouding, klachten en geschillen uit de NEN-EN-ISO/IEC 17065 — de accreditatienorm voor certificerende instellingen — afdoende borgt. Ben je het niet eens met een geconstateerde afwijking of met de opgelegde maatregel, dan kun je dus altijd een klacht- of geschillenprocedure bij je CI starten. De exacte stappen en termijnen daarvan staan in het certificatiereglement van je CI, niet in de BRL zelf.
Voorkomen is goedkoper dan herstellen
De meeste kritieke afwijkingen die tot een schorsingstraject leiden, zitten in een klein aantal terugkerende thema's: ontbrekende of niet-gekalibreerde meetapparatuur, gaten in het logboek of de koudemiddelbalans, en monteurs die buiten hun BRL 200-bevoegdheid werken. Een paar plekken om dat risico structureel te verkleinen:
Veelgestelde vragen
Wat is het verschil tussen een kritieke en een niet-kritieke afwijking?
Een kritieke afwijking heeft een direct negatief effect op de kwaliteit van de uitvoering of het milieu (waaronder f-gassen-lekkage kan vallen). De BRL noemt daarbij expliciet drie voorbeelden: ontbrekende verplichte documentatie of procedures, ontbrekende of niet-gecontroleerde verplichte meetapparatuur, en niet-gecertificeerd personeel dat certificaatplichtig werk uitvoert. Alles wat niet aan die omschrijving voldoet, geldt als niet-kritiek.
Hoeveel tijd heb ik om een kritieke afwijking te herstellen?
Onder de momenteel geldende tekst (versie 2.0, verplicht sinds 2020) moet je een kritieke afwijking binnen drie maanden na constatering corrigeren, gevolgd door een herbeoordeling. Een oudere versie (1.2, 2017) hanteerde nog vier weken. Per 31 augustus 2026 treedt versie 3.0 in werking — raden we aan deze termijn dan opnieuw bij je certificerende instelling te bevestigen.
En hoeveel tijd voor een niet-kritieke afwijking?
Voor niet-kritieke afwijkingen geldt een termijn van zes maanden na vaststelling — die termijn is ongewijzigd sinds versie 1.2 — met beoordeling bij de eerstvolgende reguliere beoordeling in plaats van een losse herbeoordeling. Check bij twijfel de actuele termijn bij je CI.
Wat gebeurt er als ik de hersteltermijn niet haal?
Bij een niet-kritieke afwijking volgt eerst een schriftelijke waarschuwing met opnieuw een termijn (maximaal vier weken) om alsnog te corrigeren; blijft dat uit, dan volgt schorsing en bij aanhoudend uitblijven van herstel uiteindelijk intrekking van het certificaat. Bij een kritieke afwijking die niet tijdig is gecorrigeerd, kan het certificaat direct worden ingetrokken, zonder de tussenstap van een waarschuwing.
Kan ik na een schorsing gewoon doorwerken?
Tijdens een schorsing mag je geen gebruik maken van het certificaat f-gassen voor ondernemingen. Wat dat concreet betekent voor lopende opdrachten en de inzet van je gecertificeerde monteurs, verschilt per situatie — bespreek dit direct met je certificerende instelling zodra een schorsing dreigt of is opgelegd.
Is elke certificerende instelling (Kiwa, DEKRA, Bureau Veritas, CIBV, ECH-groep, SGS INTRON) hier hetzelfde in?
De classificatie kritiek/niet-kritiek en de bijbehorende termijnen liggen vast in de beoordelingsrichtlijn BRL 100 zelf en gelden dus in beginsel voor elke bevoegde CI gelijk. De uitwerking van de klachten- en geschillenprocedure staat in het certificatiereglement van elke CI afzonderlijk — daar kunnen praktische verschillen zitten.